Advertisements

Disertashon di Presidente di Parlamento di Kòrsou durante apertura di IPKO 2019 na St. Maarten

Disertashon di Presidente di Parlamento di Kòrsou durante apertura di IPKO 2019 na St. Maarten

 

TOESPRAAK TER GELEGENHEID VAN DE OPENING VAN HET INTERPARLEMENTAIRE KONINKRIJKSOVERLEG (IPKO)

 

Philipsburg, Sint Maarten  – Januari 2019

 

Geachte leden van de Eerste Kamer van de Staten Generaal,

Geachte leden van de Tweede Kamer van de Staten Generaal,

Geachte leden van de Staten van Aruba,

Geachte Leden van de Staten van Sint Maarten,

Geachte leden van de Staten van Curaçao.

 

Mede namens mw. Pauletta, voorzitter van de Commissie Rijksaangelegenheden, Interparlementaire Relaties en Buitenlandse Betrekkingen uit de Staten van Curaçao en de overige leden van de commissie: mw. Mc William, dhr. Pisas, dhr. Rojer, dhr. Calmes, mw. Mozes en dhr. Cordoba wil ik de organisatie van dit IPKO van harte bedanken voor het warme onthaal.

Ik wens u allen een gelukkig Nieuwjaar toe; Happy New Year; Bon Aña !

Als volksvertegenwoordigers van onze respectievelijke landen zijn wij allen hier aanwezig vastberaden om te blijven werken aan het verbeteren van het welzijn van onze burgers; de burgers van Aruba, de burgers van Curaçao de burgers van Nederland en de burgers van Sint Maarten. Wanneer het de burgers goed gaat, gaat het goed met de samenleving. Wanneer het goed gaat met de samenlevingen binnen het Koninkrijk, gaat het goed met het Koninkrijk.

Het belang en de kracht van het IPKO zit in de mogelijkheid om als parlementaire partners, samen te werken, met elkaar mee te denken, over en weer kennis en ervaring te delen. Daarmee kunnen de banden binnen het Koninkrijk worden versterkt. Die banden bestaan al heel lang. Al vanaf 1634. En vanaf 1954 is er een Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden, waarin onder meer is geregeld hoe de verschillende gebieden in het Koninkrijk hun eigen belangen dienen te behartigen, waarbij rekening wordt gehouden met een basis van gelijkwaardigheid. Het Statuut schrijft ook voor hoe de gemeenschappelijke belangen dienen te worden gewaarborgd en op welke wijze wederzijdse steun kan worden verleend.
Dit gezegd hebbende, lijkt het mij dan ook onbegrijpelijk dat wij nu, na zoveel jaren van een gezamenlijk verleden, nog steeds een ernstig gebrek aan respect, vertrouwen en solidariteit voor de partners in het Caribische deel van het Koninkrijk, kunnen constateren. Een aantal zaken moet beduidend anders.

Ik begin met de voorgestelde geschillenregeling.
Enkele jaren geleden hebben wij gezien hoe Aruba en Sint Maarten geconfronteerd werden met het al dan niet ongebruikelijk toepassen van het Reglement van de Gouverneur door de Koninkrijksministerraad. Alhoewel op dat moment al jaren een traject gaande was voor een voorziening voor de behandeling van geschillen tussen het Koninkrijk en de landen, werd overduidelijk dat die regeling dringend noodzakelijk is. Echter, de wijze waarop de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, een voorstel van Rijkswet houdende een geschillenregeling heeft gepresenteerd, zonder daarbij rekening te houden met de opvattingen van de Caribische partners van het Koninkrijk, is niet goed te spreken.

Evenmin kan van respect, waardering en gelijkwaardigheid worden gesproken, indien een burgmeester – in dit geval de Burgemeester van Leeuwarden – een plan lanceert om kansloze Antillianen te ontmoedigen om zich te vestigen of te blijven in de gemeente. Met verontwaardiging hebben wij kennis daarvan genomen. Wij weten echter dat dit niet de eerste poging is geweest om het vrije personenverkeer binnen het Koninkrijk aan banden te leggen. Dit voorbeeld benadrukt het gegeven dat wij naar buiten toe weliswaar één Koninkrijk beogen te zijn maar dat intern niet waarmaken. Ook dit moet anders.
Als wij echt geloven in één Koninkrijk, dan is iedereen gelijkwaardig in de kans om zelfredzaam te zijn, waar zij ook kiezen om zich binnen dat Koninkrijk te vestigen. Persoonlijk heb ik mezelf tot Nederlands topatleet kunnen ontwikkelen tijdens mijn studie in Nederland. Hetzelfde geldt ook voor vele anderen die ook op andere terreinen succes hebben geboekt. Het mag niet zo zijn dat succesvolle burgers, zoals diverse topsporters, afkomstig uit de landen in het Caribisch deel van het Koninkrijk, als volwaardige Nederlanders worden gezien en erkend, terwijl andere, minder succesvolle burgers uit dezelfde regio negatief worden afgeschilderd en in negatieve zin als Antilliaan worden neergezet.

Mijn laatste voorbeeld betreft de situatie in Venezuela en zijn impact op de kleine gemeenschappen in het Caribisch deel van het Koninkrijk. Over de afgelopen jaren zijn enkele duizenden migranten overgekomen vanuit Venezuela om daar een beter bestaan te zoeken. In de politiek gaan de discussies over en weer over het wel dan niet bieden van hulp; met name financiële hulp. Inmiddels groeien de problemen uit en neigen op een aantal terreinen uit de hand te lopen. In de laatste IPKO’s is uitvoerig stilgestaan bij dit thema. Toch lijkt het erop dat er vanuit het Europees deel van het Koninkrijk weinig begrip is voor de dagelijkse realiteit die dit teweeg brengt op Aruba, Curaçao en ook Bonaire. Die problemen uiten zich in onder meer de volksgezondheid, het onderwijs, werkloosheid, criminaliteit, prostitutie, et cetera. Vanwege de kleinschaligheid van de gemeenschappen gaat een zeer negatief effect uit van deze migratiestroom. Wij vragen hiervoor meer begrip en inzicht van onze partners in het Europees deel van het Koninkrijk.

Als parlementaire delegaties moeten wij het voorbeeld zijn dat het daadwerkelijk anders kan. Dit moet blijken uit de wijze hoe wij met elkaar en met elkaars opvattingen omgaan. Begrip tonen, elkaar proberen te begrijpen, serieus en respectvol omgaan met elkaar in het dialoog hoort daar bij.
Het succes van dit IPKO en ook toekomstige IPKO’s is sterk afhankelijk van de wijze waarop wij met elkaar omgaan bij de bespreking van thema’s van gezamenlijk belang en daarbij serieus naar oplossingen zoeken voor bestaande problemen en samen kansen benutten.
Eén van de bekende wijsheden van de Griekse filosoof Aristoteles luidt: “Het geheel is meer dan de som van de delen”. Dit is zeker van toepassing op het Koninkrijk. Als IPKO-delegaties moeten wij dit realiseren en het IPKO-platform benutten om elk der landen, de diverse regeringen en de samenlevingen binnen het Koninkrijk bewuster te maken van de kracht van het Koninkrijk. Hoe gaan wij om met thema’s van gezamenlijk belang? Stellen wij het belang van alle Nederlanders voorop, ongeacht van hun woonplaats?
Om de kracht van het Koninkrijk te maximeren, is het uiterst belangrijk om de diversiteiten daarin te erkennen en te beseffen dat de diverse gemeenschappen daarbinnen op eigen wijze daaraan kunnen bijdragen. Als volksvertegenwoordigers moeten we streven naar een zoveel mogelijk vergelijkbare niveau van welzijn voor alle burgers, alle Nederlanders van het Koninkrijk. Het zal goed zijn als wij met deze “bril” kijken naar de verschillende thema’s zoals burgerschap, migratie et cetera, maar ook thema’s als zorg, onderwijs en leefbaarheid. Uiteindelijk moeten wij het groter geheel van het Koninkrijk, oftewel “the bigger picture” voor ogen hebben.

Ik wens alle delegaties veel succes en wijsheid toe. Moge dit IPKO ons een stap dichter bij elkaar brengen.

 

Philipsburg, 8 januari 2019

 

De Voorzitter van de Staten van Curaçao,

William Millerson

.

.

Advertisements
error: Content is protected !!
%d bloggers like this: